Samen
naar beter
Racisme-ervaringen vanuit verschillende perspectieven en wat kunnen we daarvan leren: schrijver en scenarist Raf Njotea ging op de sofa in gesprek met auteurs Birsen Taspinar en Meike Vroom. De avond 'Van Wond naar Wijsheid' kadert in de reeks Kleur Bekennen dat diversiteit vandaag en morgen belicht, een samenwerking van Avansa Kempen, Bibliotheek Turnhout, docAtlas en het Agentschap Integratie en Inburgering.
“Ik was twaalf jaar toen we vanwege het werk van mijn vader voor een langere periode naar Jakarta verhuisden in Indonesië, een voormalige Nederlandse kolonie. Ik was goed bevriend met mijn Indonesisch buurmeisje. Haar ouders spraken Nederlands. Ik voelde me een belangrijke gast. Pas veel later besefte ik dat er nog een laagje onder die gastvrijheid van onze buren zat, eentje die zowel mijn buren als ik hadden geïnternaliseerd onder invloed van dat koloniale systeem.” Het is een fragment uit het boek ‘Ik ben geen racist, maar … Pijnlijke gesprekken met witte mensen’ van Meike Vroom, psychotherapeut en docent bij Thomas More Hogeschool.
Meike vertelt hoe zij, weliswaar vanuit een geprivilegieerd perspectief, in contact komt met racisme en discriminatie. Daarover gaat ze in gesprek met Birsen Taspinar, auteur, klinisch psychologe, antropologe, systeemtherapeut, docent en onderzoeker bij Odisee Hogeschool. Haar boek, ‘De pijn diep vanbinnen: ouders na racisme-ervaringen’, bundelt de verhalen van verschillende mensen, verschillende gezinnen, verschillende nationaliteiten. Raf Njotea neemt de rol van moderator op zich en vraagt beide schrijvers hoe ze juist tot het schrijven van deze boeken gekomen zijn.

In haar praktijk ziet Birsen dagelijks de impact die racisme kan hebben op ouders en kinderen, en op gezinnen in hun geheel. Op een gegeven moment besloot ze onderzoek te doen naar wat uitsluiting juist kan veroorzaken, met steun van het Kenniscentrum Gezinswetenschappen. Birsen Taspinar: “Ik ben zelf niet in België geboren, mijn ouders hebben migratieroots. Ik ben een minderheid in België, maar ook in mijn land van afkomst Turkije – gezien ik afstam van een minderheidsvolk daar. Ik omarm dus de positie van buitenstaander. En dat hoeft niet altijd negatief te zijn. Met mijn boek wil ik een andere positie innemen, omdat ik het gevoel heb dat iedereen debatmoe is. Ik wil de impact en de verhalen vanuit de mensen zelf laten komen, zij die het zelf ervaren, die racismepijn. Ik wil niet beleren. Ik ben getuige geweest van de verhalen, soms zelfs de eerste, en wil die zichtbaar maken zonder anderen de les te spellen, juist om racisme bespreekbaarder te maken.”
Beide auteurs krijgen te maken met haatmails waardoor het schrijven van deze boeken niet evident was. Birsen krijgt bijvoorbeeld vaak te horen dat ze gemakkelijk praten heeft als bekend persoon. Nochtans is het haar jarenlange praktijk die ervoor zorgde dat ze dit boek heeft kunnen schrijven. Meike wil dan weer haar privilege als witte vrouw gebruiken om het gesprek aan te gaan met mensen die al dan niet onbewust racistische uitspraken doen.

Het witte denken doorbreken
Birsen: “Wat doen gezinnen met racisme? Hoe veranderen zij onrecht naar liefde? Dát is het veerkrachtige verhaal dat ik wil meegeven. We kunnen haat beantwoorden met liefde. Een mooi voorbeeld daarvan is hoe een moeder die ik sprak haar zoon aanmoedigde om hun buurman een beterschapskaartje en chocolade te brengen toen hij ziek was, ook al had hij enkele dagen eerder de politie gebeld, omdat de jongen volgens hem bewust een bal in zijn tuin had geschopt. Wat helemaal niet waar was. Ze wilde hem leren om andere mensen te behandelen zoals hij behandeld zou willen worden.”
Meike vraagt zich af wat racisme juist is, en wie is ‘racist’?: “Als je het hebt over een racist, denk je meestal aan een slecht persoon. Maar zijn we niet allemaal een beetje schuldig door de waarden die we meekregen in onze opvoeding en maatschappij?” Uiteindelijk gaat het om een systeem waarin we allemaal vastzitten, vat Raf bondig samen, niet alleen op individueel niveau, maar ook op organisatie- en beleidsniveau.

Birsen: “Dat was ook de impact dat het schrijven van mijn boek op mij had: erkennen dat ook ik in dat systeem zit, en dat we datzelfde systeem allemaal samen moeten doorbreken. Voor mij is er ook niet iets als witte mensen en mensen van kleur. Voor mij gaat het om het witte denken dat doorbroken moet worden, en waaraan ook ik ten prooi kan vallen. Dat erkennen is helemaal niet makkelijk en wordt ook wel erkenningstrauma genoemd. Daarbij besef je de impact die dat systeem op ons en op ons denken heeft.”
Volgens Meike kunnen veel mensen vaak niet anders dan racistisch te reageren door wat ze hebben geleerd. Op school, in hun omgeving en door de mensen om zich heen. “Er slaat een heel denkverhaal voor ons uit. Je leert dat je als witte mens beter bent dan een mens van kleur, dat je als man beter bent dan een vrouw en als gezonde mens beter dan een zieke mens. Dat is de norm die er heerst, terwijl we allemaal in hetzelfde gekleurde water zwemmen.”

Kinderen durven soms niet naar hun ouders toestappen wanneer ze racisme ervaren hebben, uit angst heel veel pijn te veroorzaken. Terwijl praten juist zo belangrijk is. Dat bewijst ook een van de verhalen uit Birsen’s boek, het verhaal van Patrick. Het brengt de gevolgen van erkenningstrauma onder woorden. Hij is de zoon van een Belgische witte vader en een Congolese zwarte moeder. Op zijn 12de verhuisde hij naar Vlaanderen. “In Congo was ik een blanke en kreeg ik een speciale behandeling. Eens in Vlaanderen veranderde voor mij alles radicaal. Ik werd van dag één brutaal aangepakt.” Over die brutaliteit heeft hij echter nooit gesproken met zijn ouders, of met zijn broer of zus. Toen hij op zijn 30ste in therapie ging, besefte hij pas hoezeer hij in overlevingsmodus zat. Beetje bij beetje begon hij aan zijn herstelproces en zag hij steeds meer in wat die racistische ervaringen met hem gedaan hebben.
Bewustzijn is hier erg belangrijk. Meike: “Door het er zelf uitgebreid en vaak over te hebben met mijn eigen zonen, merk ik dat ze zich nu heel bewust zijn van bepaalde processen en verhoudingen die zich afspelen, zoals dat witte denken. Je kan je kinderen er nooit volledig tegen beschermen, maar je kan hen er wel van bewustmaken.’

Enorm verschil
Over racistische ervaringen spreken met je omgeving is dus belangrijk, net als het erkennen en kracht vinden in jezelf om de juiste formule te zoeken die voor jou werkt. Birsen: “Als een kind of een ouder zich onveilig voelt in de samenleving, kan die onveiligheid binnengebracht worden in het gezin. Racistische gebeurtenissen een taal geven, erkennen, kan de impact ervan verminderen en een veilige ruimte creëren om gehoord te worden. Dat is zo belangrijk. We zijn allemaal een beetje gebroken. We hebben allemaal kwetsuren. We moeten er samen doorheen. Maar we kunnen een enorm verschil maken door racisme te erkennen en het erover te hebben met onze kinderen, onze ouders en elkaar. Kinderen zien hun ouders zo groeien, en ouders zien hun kinderen zo groeien. Niemand heeft hét antwoord want er zijn verschillende formules tegen racisme. Het doel is om samen met je kinderen, als gezin, de formule te vinden die voor jou werkt.”
Ook de samenleving kan hierin een rol spelen, en erkenning en steun bieden. Dat is exact waar deze reeks ‘Kleur Bekennen’ naar streeft. De samenwerkende partners willen volop gaan voor een kleurrijke, warme en gelijkwaardige samenleving. Hun activiteiten belichten complexe thema’s zoals racisme en discriminatie, en geven er taal aan.
Bekijk de foto’s van de avond 
Foto’s © Stes
Wie doet het?
Dit kan ook interessant zijn:
Schouder aan schouder tegen structureel racisme: “Heb je privileges? So be it. Belangrijker is wat je ermee doet”
18 januari 2024. De wereld is voor even nóg witter dan anders. Het heeft gesneeuwd en de avondspits…
Niet racistisch zijn is meedobberen met de stroom
Tijdens het drieluik ‘Kleur Bekennen’ kijken we naar kolonisatie, dekolonisatie en racisme aan de hand van taal en…
Ouder worden tussen twee culturen
Stel... Je bent geboren in een land ver weg. Je wordt ouder hier in België. Misschien word je…
Kleur Bekennen: Wie schrijft onze geschiedenis?
Al generaties lang trekken mensen weg of komen aan, gedreven door werk, veiligheid, liefde of de hoop op…























